Gedenkplaats Joodse stadgenoten 1940-1945


Stolpersteineroute

< 11. Lange Tiendeweg 54 >

1 Stolperstein voor het meisje Edith Roseij Beek


Op deze plek ligt een Stolperstein voor het negenjarige meisje Edith Roseij Beek, 9 jaar.

Lange Tiendeweg 54

Lange Tiendeweg 54

Haar broer en ouders overleefden de oorlog. Op 21 april 1934 werd Edith geboren in Oss en vanaf haar eerste jaar woonde ze in Gouda. Vader Arnold Beek hield een huisartspraktijk aan de Lange Tiendeweg. Het gezin bestond verder uit moeder Clara Betsy Beek-de Jong en broer Johan. Na mei 1941 mocht huisarts Beek alleen nog maar Joden als patiënt hebben, het gezin moest verhuizen naar de Burg. Martensstraat. Van de Montessorischool ging Edith naar de Openbare Lagere School, maar in 1941 moest ze ook hier weg. Een vroegere juf gaf haar daarna privéles.

In september 1942 doken de gezinsleden apart van elkaar onder. Daar zat Edith opeens alleen als achtjarig meisje in Zwammerdam, in de pastorie van de Remonstrantse Kerk bij predikante Abelia Gesina Günther. Helaas herkende een NSB-gezinde politieagent haar en gaf haar aan. In een NIOD-dossier staat, dat Edith samen met ds. Günther op 22 april 1943 gearresteerd werd door een lid van de Documentatiedienst van de Haagse politie, een groep Jodenjagers. "Opgemeld kind is door mij aangehouden en in afwachting van een nadere beslissing van de Sicherheitspolizei overgebracht naar het Gemeentelijk verzorgingshuis, Balistraat 18 alhier", aldus het dossier.

Ediths Joodsche Raadkaart laat zien, dat ze in juni in kamp Westerbork aankwam. Daar verbleef ze in het weeshuis, barak 35. Ze liep roodvonk op. Dat gaf enig respijt, maar in november van dat jaar moest ze alsnog met transport 81 naar Auschwitz. Een transport van bijna duizend mensen, waaronder ruim tweehonderd kinderen. Direkt na aankomst werd ze vergast, op 19 november 1943.

"De Lange Tiendeweg 54 was de plek waar het gezin nog gelukkig bij elkaar was", aldus de vrouw van haar broer Johan Beek. Daar ligt voor Edith nu een Stolperstein.